Columnn

Telefoon terreur

05 jul 2026

“Ik gooide hem van me af alsof ik een vies insect in mijn handen had. Werd bijna misselijk van wat het ding met me doet. ”

Zomaar wat schrijven in de middag, wanneer heb ik dat voor het laatst gedaan? Hoeveel van mij is de afgelopen jaren opgezogen, in beslag genomen door mijn telefoon. Geen moment zitten zonder dat ding in mijn hand, geen film kijken zonder dat ding in mijn hand, geen seconde vervelen, want dat ding in mijn hand. Waar is dan de ruimte om te denken, leeg te raken, te verstillen of zoals nu: te rouwen om mijn moeder.

Hoe kan ik voelen wat ik voel als mijn hersens continu geprikkeld worden met dingen die mij niet aangaan, dingen waar ik geen invloed op heb en die er überhaupt helemaal niet toe doen. Niet. Het maakt niet uit wie wat gepost heeft, wie welke leuke trend heeft gespot, wie een interessante kijk heeft op het nieuws van vandaag. Het doet er niet toe. Niet echt. En het houdt me weg, van alles dat er voor mij wel toe doet. Denken, tijd, maken, schrijven, lezen, verzinnen, fantaseren, vervelen.

Vandaag loop ik door mijn huis te bedenken wat ik kan doen, wat ik ga doen. Hoe lang is dat geleden? Eeuwig. Ik kan me de dag niet herinneren. Podcasts, nieuwsapps, Instagram, mail, spelletjes en dan weer van voor af aan. Geen enkele noodzaak, gewoon om dat ding in mijn hand te hebben. Mijn digitale fopspeen.

Een week geleden heb ik hem weggelegd. Ik was er zo ontzettend klaar mee. Niet alleen slurpte het ding al mijn tijd op, ik werd ook nog eens de hele godganse dag blootgesteld aan elke vorm van geraffineerde verleiding en beïnvloeding. Van het soort die met miljarden investeringen zijn ontwikkeld, en niet om mij verder te helpen.

Een mak schaap. Een hersenloos schaap. Zo voelde ik me steeds meer. En ik werd er boos van. Nooit had ik tijd, wel heel veel tijdsstress. Elke dag. Terwijl… ik werk maar drie dagen. Hoezo heb ik nergens tijd voor? Hoezo???? Er zat dus maar 1 ding op: weg met dat ding.

Klinkt simpeler dan het is, en aan de andere kant is het simpeler dan het klinkt.

Ik gooide hem van me af alsof ik een vies insect in mijn handen had. Werd bijna misselijk van wat het ding met me doet. Niet meer.

En toen wist ik ineens niet meer hoe laat het was.

Blijkbaar wil ik de hele dag weten hoe laat het is, en kijken hoe laat het is, is hetzelfde als één trekje nemen van een sigaret. En dus zat er maar 1 ding op: ik heb een horloge gekocht. Geen slim horloge uiteraard, gewoon een ouderwets horloge met wijzers. Het stompzinnig gelukkige gevoel dat ik heb elke keer als ik er weer achter kom dat ik niet op mijn telefoon hoef te kijken. Goud waard.

En toen bleek dat er ook nog mensen in die telefoon zaten.

Deze was lastiger. Ik wil niet langer meegezogen worden in de digitale hel, wilde niets meer met dan ding te maken hebben. Maar ik wilde nog wel bereikbaar zijn, met mensen kunnen praten of berichten kunnen sturen. De eerste dagen als er een app binnenkwam werd ik boos op de mensen die me probeerden te bereiken. Elke app, elk belletje is een potentieel gevaar. Uiteindelijk heb ik voor nu besloten dat mijn geluid aanstaat, de telefoon wel ergens in de buurt is, en dat ik wel mag appen of bellen. Een beetje zelfcontrole op dat vlak moet ik mezelf toevertrouwen. Ik voel me namelijk zoveel gelukkiger, rustiger en ouderwets normaler, dat ik dat echt niet meer kwijt wil.

Hoop ik.

← Terug naar Onzakelijk
%d bloggers liken dit: